Hommage aan Walter Nobbe (1941-2005) Op 19 april j.l. overleed Walter Nobbe, schilder en ontwerper van het Nederlands Dans Theater en het Nationaal Ballet. Drie jaar geleden maakte hij met galerie Quintessens afspraken voor een expositie. Zijn eerste tentoonstelling in galerie Quintessens van naakten, (zelf)portretten, stillevens en landschappen zou in het najaar van 2005 plaatsvinden. Enkele van zijn vrienden, onder wie Pat Andrea en Dick Stapel, benaderden de galerie met de vraag of deze presentatie, maar dan als ‘hommage’, toch door kon gaan. Zijn academiegenoot en boezemvriend Pat Andrea, die tegenwoordig professor is aan de Parijse École Nationale Supérieure des Beaux-Arts, bood aan deze eretentoonstelling te openen (op 23 oktober a.s.).
Walter Nobbe en Pat Andrea werkten jarenlang samen. Zij deelden zelfs een atelier aan de Haagse Bierstraat. In 2003 maakten zij in het Gemeentemuseum Den Haag ter gelegenheid van de expositie ‘De Nieuwe Realisten’ ter plekke één groot schilderij. Dit deden zij samen met generatiegenoot Peter Blokhuis met wie zij in de jaren zeventig de ABN-groep (Andrea/Blokhuis/Nobbe) vormden. Afgelopen najaar had Walter Nobbe een eenmanstentoonstelling in Pulchri Studio waarvan hij sinds 1971 lid was. Ter gelegenheid van die expositie verscheen Deel 8 in de serie Haags Palet. Deze monografie is getiteld ‘Walter Nobbe’. Walter Nobbe, van theater naar stilte
Gedrieën presteerden zij het in 1972 om gedurende drie weken in het Rotterdamse Lijnbaancentrum dagelijks gezamenlijk een schilderij te produceren waarin reacties op nieuws in kranten en op televisie werden uitgebeeld, opnieuw met snedige citaten uit de kunstgeschiedenis, van het Italiaanse Quatrocento tot aan het Impressionisme. Al in 1969 had Walter Nobbe samengewerkt met Pat Andrea aan de theaterproductie ‘Marya’van Isaak Babel onder regie van Carel van der Plas bij de Haagse Comedie. In 1970 nodigde het Haagse Gemeentemuseum Blokhuis, Andrea en Nobbe uit om een moderne vorm van diorama’s te schilderen bij de tentoonstelling Huis in, Huis uit, een expositie over wooncultuur en toegepaste kunst. Een jaar later werd Walter Nobbe door de danser en choreograaf Frans Vervenne gevraagd om ontwerpen te maken voor het Nederlands Dans Theater (NDT) in een productie van Pudding en Gisteren. Deze opdracht zou verstrekkende gevolgen hebben voor de artistieke loopbaan van Walter Nobbe. De ABN-groep raakte uit elkaar; Pat Andrea ging reizen maken naar Cuba en Argentinië, en Peter Blokhuis koos gastarbeiders in Den Haag, maar ook in hun landen van herkomst, als onderwerp van zijn schilderijen en tekeningen.
In 1990 besloot Walter Nobbe een punt te zetten achter zijn carrière als theaterontwerper en terug te keren tot de schilderkunst. Er zouden nog wel incidentele ontwerpen volgen en soms reisde Nobbe nog wel mee om aanwijzigingen te geven voor de mise-en-scène in buitenlandse theaters, maar van dit moment stond het schilderen en tekenen weer centraal in het leven. Hij betrok een aantrekkelijk atelier aan het Haagse Groenwegje, niet ver van zijn oude studio aan de Bierstraat. Deze ruimte zou hem door zijn fraaie lichtval en zijn rustige ligging dienen als een plek vol inspiratie, een werkplek om zichzelf en zijnartistieke voorkeuren te herontdekken. Walter Nobbe bleef trouw aan zijn eigen vorm van realisme, geënt op rechtstreekse waarneming zoals het tekenen naar model maar ook op beeldmateriaal zoals fotografie, filmbeelden en reproducties van kunstwerken. Op zijn vele reizen over de hele wereld tijdens de tournees van de balletopvoeringen bezocht Walter Nobbe de grote musea en koos en fotografeerde hij zijn favoriete kunstwerken: beelden uit de Griekse en Romeinse beschaving, Egyptische Fayoum-portretten, mythologische figuren in het werk van Carravaggio, portretten van Ingres, sportfiguren van Eakins, Kopenhaagse stadsgezichten van Kobke en naaktfoto’s van Wilhelm von Gloeden. Zo ontstond een hoogstpersoonlijk panorama, een panopticum van beelden uit allerlei tijdperken, vermengd met persoonlijke ontmoetingen en avonturen.
Tijdens een bezoek aan zijn atelier, werkte hij soms aan een stilleven dat was uitgevoerd tegen een zwart fond; bij een later bezoek was die zwarte achergrond vervangen door een zacht oker vlak, sommige onderdelen van het stilleven waren van plaats verwisseld en het kunstwerk had een totale metamorfose ondergaan. Dat was ijzingwekkend, omdat je al bij de eerste aanblik overtuigd was van de artistieke mogelijkheden. Zo ging het ook met zijn figuurstukken. Modellen liggen soms eerst tussen Venetiaanse kussens, of ze staan voor een raam dat uitzicht biedt op een zuidelijk heuvellandschap, maar binnen een paar maanden bleken de kussens weggeschilderd te zijn en was het het lanschap weggetoverd, alsof het er nooit geweest was. Walter Nobbe construeerde zijn eigen werkelijkheid in zijn schilderijen Een model kon hem fascineren, maar ook een detail van een schilderij van Velazquez of een krantenknipsel. Zoals Picasso en Braque hun collages vulden met ‘objets trouvé’s’, zo verzamelde Walter Nobbe ook zijn motieven om ze na rijp beraad samen te voegen tot een perfect geheel. De gemakkelijke charme van de snelle schets maakt geen deel uit van het werk van Walter Nobbe. Hij streefde een uitgebalanceerd totaal na. De lichamen die hij schilderde overstijgen de weergave van een individueel persoon. Walter Nobbe werkte toe naar een eigen schoonheidsideaal.
Walter Nobbe formuleerde zijn eigen beeldtaal; wie terugkijkt naar zijn werk uit vroegere jaren, staat versteld over de consequente lijn die hij in de loop van de tijd heeft uitgezet. John Sillevis Foto's Piet Gispen |